Herfstfeest in jubilerend arboretum Notoarestoen

 

Op 23 november 1968 plantte notaris Smit samen met dertig vrijwilligers uit het dorp de eerste tweeduizend bomen en struiken voor zijn arboretum. Exact 50 jaar later, op vrijdag 23 november 2018, plantten kinderen uit Eenrum  tien nieuwe collectiebomen en werd het eerste exemplaar van het Jubileumboek ’50 Jaar Notoarestoen’ uitgereikt aan vrijwilliger Paul Datema die er 50 jaar geleden als vrijwilliger bij aanwezig was toen de eerste bomen de grond in gingen.


 

 

 

foto’s Hylco Bouwstra

Commissaris van de Koning onthult borstbeeld Notoares Smit

 

Het geheim van ‘Notoarestoen’ 

 

Toespraak commissaris van de Koning in de Provincie Groningen, de heer Paas

Er klinkt feestelijke muziek uit het arboretum in Eenrum.  En het barst van de mensen. Deels is het een familiereünie. Maar het is ook een eerbetoon aan de man die vijftig jaar geleden begon met bomen planten in een weiland in de klei bij Eenrum. Waarom eigenlijk?

Toen de beroemde bergbeklimmer George Mallory ooit de vraag kreeg waarom hij de Mount Everest wilde beklimmen – de derde poging zou hem fataal worden – was zijn antwoord kort en eenvoudig: ‘because it’s there’. Omdat hij er staat.

Notaris Smit

We kunnen het hem niet meer vragen. Maar misschien had Notaris Smit ook weinig woorden nodig om uit te leggen waarom hij hier, op deze plek, vijftig jaar geleden, deze bomentuin begon. Smit had twee hectare de ruimte om te kiezen waar hij zijn eerste bomen zou neerzetten. Hij koos voor de randen, zodat er een binnenruimte ontstond waar de wind geen vrij spel meer had. 

Die eerste windsingels legde hij niet alleen aan. Notaris Smit was met 30 vrijwilligers uit het dorp aan de slag. Ik zeg met opzet ‘Notaris Smit’. Want zo noemde iedereen hem in Eenrum. Dat hij Cornelus Nanning heette, roepnaam Cees, was misschien wel het best bewaarde geheim van Eenrum. Dat deed je toen niet: notabelen aanspreken bij hun voornaam. En zeker Smit niet, die mede door zijn werk aan de tuin in het dorp als een beetje excentriek te boek stond.

Zelf ook wat doen

Toen Smit aan deze tuin begon was hij, net als ik, even voorbij de vijftig. Hij zocht en vond naast zijn werk en gezin tijd voor dit enorme project. Tijd om contacten te leggen in Amerika, Denemarken, Duitsland en Engeland. Tijd om daar naartoe te gaan voor stekjes, bomen, grond en natuurlijk kennis.

Smit heeft een enorme prestatie geleverd. Hoe kon hij dat combineren met zijn gewone werk? Volgens de overlevering kwam de notariële broederschap een keer kijken. Na afloop zeiden ze tegen Smit dat een notaris toch echt zelf óók wat moet doen: ‘Je kunt niet alles overlaten aan de kandidaat-notaris.’

Een tuin die hem gaandeweg meer in zijn greep kreeg

Een mooi verhaal moet je niet kapot checken! Laten we er dus gemakshalve van uitgaan, dat er een kern van waarheid in zit. De kern is volgens mij dat Smit leefde voor zijn tuin. Een tuin die hem gaandeweg meer in zijn greep kreeg. Want iedereen weet dat het werk in een tuin nooit af is. Het is Sisyfusarbeid. Je hebt een perk net onkruidvrij en achter je groeit het alweer. Je moet bomen snoeien, zaailingen trekken, stekjes verpotten of verspenen.

Het werk van de tuinman is nooit af. En zeker niet het werk van een tuinman met wetenschappelijke ambities. Ambities die zijn zoon, die ons net verwelkomde, mede hielp realiseren. Door een catalogus aan te leggen, door de bomen en stuiken op een geografische kaart te plotten. Zodat we ook zonder de grondlegger weten wat waar staat. Dat maakt ‘Notoarestoen’ tot een arboretum.

Zien groeien

We zijn nu 50 jaar verder. De tuin bestaat sinds 2002 zonder zijn oprichter. En hoe! Het is heel, heel erg indrukwekkend. Ik houd een toespraakje onder een flinke boom. De kenners weten dat het een sequoia is. En dat die niet voor niets ook ‘mammoetboom’ wordt genoemd. De oudste exemplaren staan in Amerika en zijn 2000 jaar oud. Het kan nog wat worden! Het staat nog niet vast dat ze zo oud kunnen worden in de Groninger klei. Maar waarom niet? Ook grote bomen beginnen klein. Notaris Smit heeft deze boom jaar na jaar zien groeien, zoals hij alles hier heeft zien groeien. Wat soms begon als een twijg, heeft na 20, 30, 40 of 50 jaar nu een imposante omvang.

De windsingels die hier in de herfst van 1968 kwamen, boden de luwte om rododendrons en allerlei exotische boomsoorten te planten. En dat planten moeten we niet licht opvatten. Smit ging zeker niet over één nacht ijs en zorgde ervoor dat elke boomsoort kon aarden in grond die speciaal voor deze soort klaar was gemaakt. En als daar dennennaalden voor nodig waren, haalden Smit en zijn vrouw die zelf op uit de bossen rond Borger.

Een lange neus naar iedereen die denkt dat je op klei alleen bieten, graan en aardappels kunt verbouwen.

We krijgen een rondleiding door de imposante tuin. De bomen zijn interessant, maar werkelijk uniek is de grote collectie rodondendrons. Er zijn soorten bij die zo zeldzaam zijn, dat kenners overwegen om het materiaal uit Eenrum te gebruiken om weer te gaan kweken. Misschien is dit wel het antwoord dat Smit zou hebben gegeven op de vraag, waarom doe je dit? ‘Omdat ik denk dat zoiets op de Groninger klei kan.’ Dat ook op deze klei bomen uit allerlei windstreken kunnen groeien, net als rododendrons, magnolia en aronskelken.

En zo kon het gebeuren dat Eenrum, een gewoon dorp op het Hogeland, na verloop van tijd in de buurt van een bos kwam te staan. Een bos met prachtige bloemen en planten bovendien. Een lange neus naar iedereen die denkt dat je op klei alleen bieten, graan en aardappels kunt verbouwen.

Vrijwilligers

Aan Groningers als Notaris Smit kunnen we een voorbeeld nemen. Hij maakte zijn droom waar. Smit heeft ons een erfenis nagelaten, die we alleen maar verlegen en dankbaar kunnen aanvaarden. Elk seizoen weer.

En het mooie is: Notoarestoen heet dan weliswaar Notoarestoen. Maar in het begin waren er al direct vrijwilligers. En dat is nog altijd zo. Notoarestoen is van ons allemaal, in het bijzonder van wie er de handen uit de mouwen steekt. Ook op die manier is de tuin een parel van Eenrum.

Ik vind het mooi om Smit vandaag te gedenken. Temidden van zijn erfgenamen: de familie en de dorpsgemeenschap uit Eenrum. Samen met de kinderen die vandaag aanwezig zijn, onthul ik het borstbeeld van Notoares Smit. In zijn eigen arboretum, zijn eigen ‘toen’. Omdat hij er hoort. Maar vooral: ‘because it’s there’. Omdat hij er staat. 

(eerder gepubliceerd d.d. 12-05-2018 op Linked In door de heer R. Paas)

‘Wij zijn buitengewoon charmant’

Her en der door het arboretum kom je ons tegen. Ja, jullie vieren dit jaar wel een gouden jubileum, met die bloeiende import in de hoofdrol, maar aan ons wordt argeloos voorbij gegaan, ons wordt niet eens een blik waardig gegund, alsof je niet mee telt. Terwijl wij er al staan vanaf die memorabele plantdag in november 1968, waarop de Eerummers ons in de grond hebben gezet. Dus eigenlijk zouden wij degenen zijn die jullie moeten feliciteren. Wanneer horen wij eens dat we de aandacht krijgen? Alleen als we in de ogen van mensen wat te vroeg onze bloemen laat zien, dan horen wij over ons spreken. Net of wij die lui moeten vertellen dat de winter voorbij is. Maar we wonen natuurlijk al lang in deze contreien, we hebben ons al eeuwen aangepast aan het grillige weerpatroon,

ons deert het niet meer. Oervolken, zoals de Kelten, die waren veel beter over ons te spreken. Ze dichtten ons magische krachten toe. Vandaar dat in het artsensymbool, de Esculaap, gebruik is gemaakt van onze takken waarover de slang kruipt. Mensen die jarig zijn in het voorjaar tussen 22 maart en 31 maart en in het najaar tussen 24 september en 30 september hebben ons als boomsymbool in de Keltische verjaardagskalender. Als je de Kelten moet geloven zijn deze jarigen eerlijk, begripvol en buitengewoon charmant. Je bent gek op veranderingen. Soms verander je de dingen zo snel, dat ze nauwelijks de tijd krijgen om in je te wortelen.

Als voorjaarsboom zijn jullie inderdaad zeer actief en ambitieus. De najaarsvariant kan goed manipuleren. We hebben het natuurlijk over de hazelaar, in het Latijn Corylus avallana. Een plantensoort die hier gekomen is in de perioden tussen de ijstijden, waar ruimte kwam voor dichte wouden van eik, iep en haagbeuk. In de droge perioden met strenge vrieskou zijn ze verdwenen, omdat de loofhoutwouden veranderden in donkere naaldhoutbossen. De hazelaar is daarom ook een prima indicator om temperatuurschommelingen waar te nemen. Vandaar dat archeologen dankbaar gebruik maken van stuifmeel van de hazelaar in de bodem om de ouderdom vast te stellen.

De hazelaar heeft zich prima aangepast om te groeien in de schaduw. Dit houdt in: vroeg voordat het bladerdek van het bos gesloten is zorgen voor je nageslacht. Vandaar dat de hazelaar al in januari –  februari bloeit, soms al eerder. De hazelaar is eenhuizig, dus op één plant vind je bloemen die alleen stuifmeel maken, dus manlijk zijn en bloemen die stampers hebben en vrouwelijk zijn. De manlijke katjes hangen als lange snottebellen aan de struik en vallen direct op. Voor de vrouwtjes moet je dichter naar de plant komen om de paarsrode stamper te zien.

 Hazelnotenhout is buigzaam en taai, vandaar dat het in de oudheid veel gebruikt werd als er gebogen hout nodig was, zoals voor tenten en om bogen voor de jacht te maken.

 

Martin Spiljart

 

Geuren en Kleurenfeest 2019 11/12 mei — 18/19 mei

geuren_en_kleurenfeest_2009De bloei van honderden rododendrons in arboretum Notoarestoen in het schilderachtige Groninger wierdendorp Eenrum wordt jaarlijks gevierd met het Geuren & Kleurenfeest: gezellige open dagen met een theeschenkerij, rondleidingen en muziek. De open dagen vallen dit jaar in de weekends van 11/12 en 18/19 mei. Het tuinhuis met verandaterras is dan geopend van 10.00 tot 17.00 uur. U kunt er terecht voor koffie, (rhododendron) thee, biologische vruchtensap en taart. Beide weekends zijn er gratis rondleidingen en er is live muziek op het terras bij de vijver! Op zaterdag 11 mei van 13.30 – 15.30 u. geeft het ensemble ‘Con Pasiones’ een concertje tussen de rododendrons: licht klassieke muziek, waarbij bloemen en de liefde in het middelpunt staan.

 

Muzikale intermezzo’s tijdens Geuren en Kleurendagen 2018

Op zaterdag 5 mei van 14.00 – 16.00 uur geeft ‘Con Pasiones’ een middagconcert in de Notoarestoen. Het ensemble bestaat uit Reynold Blom – bariton, Gea Passies – sopraan, Janine Nijmeijer – mezzo-sopraan en Johanan Havinga – tenor & piano. Zij brengen een speciaal voor de Notoarestoen samengesteld programma: gevarieerde klassieke muziek waarbij natuur, vogels en bloemen de boventoon voeren!

 

 

Op zaterdag 12 mei  van 14.00 – 17.00 uur krijgt ‘Vrij Jazzie’ vrij spel in het arboretum. De band, bestaande uit Ingrid van der Meulen – zang, sopraansaxofoon, percussie, Robert van der Meulen – trombone, baritonsaxofoon, fretless bass, Pjotr Rijpstra – jazzgitaar, Hans Elmers –  electrische basgitaar, Anita Huininga – drums, percussie,  zal haar heel eigen jazzy muziek brengen: een repertoire met  jazz, blues, latin en popsongs!

 

 

 

Een sterfgeval in het Arboretum, de lijst en een app.

Op een rustige dag, zonder wind of regen, is ons een boom ontvallen. Het was nummer 113, de Malus ‘Butterball’. Hij lag op een zondag dwars over het pad. Nummer 113 is nu geschrapt – opgegeven als overleden.

Er bestaat een grote lijst met de nummers en de namen van alle bomen. Vroeger lag er een kopie van die lijst in een kastje bij de ingang. Iedereen kon hem er uit halen en meenemen om te zien hoe elke boom heette.

We werken er aan om dat op een nieuwe manier te doen: een app voor de telefoon die je vertelt wat je ziet, op elke plaats in het Arboretum.

Nummer 113 zal niet meer op de lijst staan, en ook niet in de app. We weten wel zeker dat er genoeg andere mooie dingen in zullen staan, en we begroeten u weer graag in het Arboretum: de tuin van Eenrum, altijd mooi.

Zondags Boomplantmoment voor twee trouwe vrijwilligers

Tijdens de Geuren en Kleurendagen was er op zondag 22 mei een klein feestje in de tuin. ’s Middags om half 4 werden Paul Datema en Piet Jansen in het zonnetje gezet omdat zij beiden al vele jaren als vrijwilliger actief zijn voor het arboretum. En dat niet alleen op de vaste werkochtenden, ook door de weeks wordt menig klusje geklaard.

Twee door onze groenman Martin speciaal voor deze plechtigheid gereserveerde bomen: de Magnolia ‘Heaven Scent’ (ook wel beverboom genoemd) en de Frangula alnus ‘Asplenifolia’ (smalbladige vuilboom) mochten door Paul en Piet worden geplant.

De twee vrijwilligers lieten zich niet storen door een pittig regenbuitje toen zij, omringd door familie en belangstellenden, hun bomen in de grond zetten.

Jan Smit memoreerde in zijn toespraak de trouw van beide vrijwilligers, voortkomend uit hun plezier voor het tuinieren, maar ook uit liefde voor de Notoarestoen. Paul is een vrijwilliger van het eerste uur. Bij de eerste vrijwilligersdag in oktober 1968 waarbij de windsingel is gepoot was hij ook van de partij. Daarna was hij twee keer aanwezig bij het wieden van de seradella die als groenbemester in het middengedeelte was gezaaid. Verder werd ook het werk van de andere vrijwilligers genoemd. Feiten die vertrouwen geven voor de toekomst van het arboretum.

Na afloop was er voor allen een gezellige afsluiting in het tuinhuis met een hapje en een drankje.

Trouwe donateurs planten bomen in “De Tuin van Eenrum”

20150503_15210220150503_152414Op de Geuren en Kleurendagen begin mei was er een klein, maar bijzonder evenement: er werden twee bomen geplant door donateurs die allebei helemaal in Zuid Holland wonen!

De heer Van Cleef en de familie Cortel steunen beiden al jaren het Arboretum, net als heel veel Eenrummers en mensen rondom Eenrum. Zij doen dit net als velen omdat ze weten dat het een bijzondere tuin is en omdat ze weten dat deze veel geld kost. De familie Cortel komt ook elk jaar kijken naar onze mooie tuin van Eenrum.

Jaarlijks geven zij een groot bedrag aan het Arboretum, en daarvoor werden zij in het zonnetje gezet: de familie Cortel plantte een nieuwe, paarse magnolia, een prachtig bloeiend en al groot exemplaar. “Het is ook nog mijn lievelingskleur”, zei mevrouw Cortel. De heer Van Cleef plantte een bijzondere, mooi donkerbloeiende, Malus (appel). “Ik ga in het vervolg ook elk jaar even kijken!” meldde hij. Jarenlang heeft hij geld gegeven zonder te komen kijken hoe mooi de tuin werd, en nu was hij onder de indruk.

Waar de familie Cortel en de heer Van Cleef ook van onder de indruk zijn is de grote inzet die de vrijwilligers elk jaar weer laten zien. Dat willen we graag doorgeven: met de hulp die vrijwilligers bieden geven zij Eenrum iets prachtigs: zonder vrijwilligers geen mooi Arboretum!

Wij hopen dat de geplante bomen het goed zullen doen en dat zij nog jaren de tuin mogen helpen verfraaien – net als de vele vrijwilligers dat doen.

Kleurenfestival van de Rhododendron

“Als ik dit schrijf is het bijna Pasen, en hebben we net de landelijke Aktie NLdoet achter de rug.  Het Geuren en Kleurenfestijn komt er weer aan en ik dacht: misschien is een artikel dat beknopt weergeeft hoe kleuren in de cultivars zijn ontstaan interessant. Het was al lang bekend dat door verschillende soorten Rhododendron met elkaar te kruisen het pallet van bloemkleuren kon worden vergroot. Het kleurenpatroon van de grootbloemige Rhododendron was in begin 1900 in Europa nog niet zo groot. Vooral paarse, rose en witte cultivars waren er genoeg. Immers kruisingen werden vooral gemaakt met Rh. caucasicum. Rh. catawbiense en Rh. ponticum als ouders. Zo kwam het eerste rood in cultivars door gebruik te maken van Rhododendron arborea uit de Himalaya. In het arboretum staat op dit moment een arboreahybride te bloeien onder de grote eikenboom nabij de picknicktafel. Probleem was wel dat door met Rh. arborea te kruisen ook twee minder goede eigenschappen meegegeven werd aan de cultivar, namelijk matig winterhard en te vroege bloei, soms al begin maart. Ook rood van Rh. strigillosum werd een mogelijkheid toen deze soort werd ontdekt in 1904. Dit bleek een soort te zijn die op beschutte standplaatsen voldoende winterhard is. Denk maar eens aan de prachtige Rh. ‘Taurus’ die op een groot aantal plekken in het arboretum staat, en in april grote brandweerrode bloemen produceert. Geel was ook zo’n kleur die veredelaars wilden gebruiken. Eerst werd gebruik gemaakt van Rh. campylocarpum, maar vooral door de komst van Rh. wardii kwamen er kruisingen op de markt met intens geel gekleurde bloemen die ook voor onze streken voldoende winterhard zijn. In het arboretum staan deze in de zogenaamde “Bruns collectie”, je kunt die vinden bij de picknickbank. Ook de gele cultivars die onder de Sitkasparren staan, net voorbij het tuinhuis, zijn hier voorbeelden van. Echte soorten als Rh. keiskei, Rh. lutescens (deze laatste staat nu bij het tuinhuis volop in bloei) zijn vooral van belang geweest voor kruisingen voor kleinbloemige hybriden. Maar de kleinbloemige Rhododendron is misschien nog een inspiratiebron voor een volgend artikel.”                                                                                                                                              Martin Spiljart


Stratego

“Sinds het begin van de grote veldslag in 2003 heeft de Generaal langzaam maar zeker meer land weten te veroveren. Hij heeft veel moeite moeten doen om niet te verliezen. Zijn positie vanuit het beschutte opereren werd abrupt veranderd in oorlog voeren in het open veld. Ja, de vijandige aanvallen vanuit het westen hadden je flink beschadigd, je camouflage brak af als luciferhoutjes. Steeds heb je die aanvallen weten te pareren. Jij bent sterk gebleken, jij bent een militair in hart en nieren, jij bent de strateeg.

Voorbij het theehuis, in de grote bocht naar links sta je te pronken, een machtige plant. Het is een plant uit één stuk, al zou je dat niet zeggen. In de bloeitijd, laat in het voorjaar, sta je vol grote paarsrode bloemen.R._Generaal _Eisenhower_ Notoarestoen

Rhododendron General D. Eisenhower is al een oudje, het is een Nederlandse Griffithianum – hybride uit eind jaren veertig van de vorige eeuw. Rhododendron griffithianum werd veel gebruikt als kruisingsouder om een rode bloemkleur te krijgen. Alleen heeft deze rhododendron ook nadelen, is o.a. behoorlijk windgevoelig. Vandaar de grote windschade na 2004, toen de windsingel aan de Mattenesserlaan was weggehakt. Maar nu, tien jaar later, staat hij er weer florissant bij.

Ja Generaal, jij groeit zo sterk dat het asfaltpad al ruim een halve meter smaller is geworden. De snoeischaar zal ingezet moeten worden om jouw veroveringsdrang te bedwingen!”

                                                                                                

                                                                                                                        

Martin Spiljart

Martin Spiljart